Wat er werkelijk in de SKILL.md staat
Een skill is zo goed als zijn instructies, dus die beschrijven we hier gewoon. Bovenaan staat een frontmatter waarin je leest wanneer Claude de skill moet oppakken. Niet alleen bij de voor de hand liggende termen als mom test, Rob Fitzpatrick, klantinterview en validatiegesprek, maar ook bij verzuchtingen: iedereen zegt dat het een goed idee is, hoe weet ik of ze het echt zouden kopen, waarom koopt niemand terwijl iedereen enthousiast is. Wie zoiets tegen Claude zegt terwijl de skill geladen is, krijgt hem automatisch. In de frontmatter staat ook wanneer hij juist niet moet aanslaan: bij kwantitatief enqueteonderzoek met statistische eisen, en bij gesprekken zonder leervraag zoals een demo of een onderhandeling.
Daarna volgt een hoofdstuk theorie, en dat is ongebruikelijk voor een skill van deze omvang. Het legt uit waar de naam vandaan komt, benoemt de drie regels, splitst bad data in complimenten, fluff en ideeen van de gesprekspartner, en sluit af met commitment en advancement: een gesprek is pas een resultaat als de ander tijd, reputatie of geld inlevert. Die theorie staat er niet voor de sier. Doordat de regels in het bestand staan, kan Claude bij elke vraag benoemen welke regel wordt overtreden in plaats van alleen te oordelen.
De kern is een vaste werkwijze van zes stappen. Stap 1 is lezen en herkennen: de skill leest je lijst letterlijk en geeft in drie regels terug wat hij eruit afleidt, doel, doelgroep en leervraag, zodat je hem meteen kunt corrigeren. Stap 2 is doorvragen bij ontbrekende context, met een expliciet maximum van twee vragen. Ontbreekt de leervraag, dan kan hij niets beoordelen, want een vraag is niet goed of fout op zichzelf, alleen ten opzichte van wat je wilt leren.
Stap 3 is de diagnose per vraag, met de drie labels uit FIG.02. Stap 4 is het herschrijven van elke oranje en rode vraag, met vier eisen aan een goede herschrijving: hij vraagt naar de laatste keer dat het gebeurde en noemt daarbij een tijdstip, hij vraagt naar wat de ander deed en niet naar wat hij vond, hij noemt jouw oplossing niet, en hij laat ruimte voor het antwoord dat je liever niet hoort. De originele vraag blijft ernaast staan, uitdrukkelijk zodat je het verschil ziet en het zelf leert.
Stap 5 zijn de drie doorvraagopties per onderwerp: feiten, kosten en commitment, uitgewerkt in FIG.03. Stap 6 is de complimentcheck, en die is verplicht. Hij loopt je lijst na op vragen die complimenten uitlokken en beschrijft hoe je reageert als er tijdens het gesprek toch een compliment valt: niet bedanken en doorgaan, maar terugsturen naar gedrag. Er staat een letterlijke voorbeeldzin bij, met de mededeling dat deze stap nooit mag worden overgeslagen, ook niet als de vragenlijst verder van boven tot onder groen is.
Naast de zes stappen bevat het bestand nog vier vaste onderdelen. Een inputchecklist van vijf punten: de vragenlijst, de doelgroep zo specifiek mogelijk (met de opmerking dat Ondernemers geen doelgroep is), de leervraag, de fase waarin je zit, en of je in dit gesprek ook iets wilt verkopen, want dan gelden andere regels. Een outputformat met vaste kopjes, waaronder een diagnosetabel, een tabel met was en wordt, de doorvraagopties per onderwerp, de complimentcheck en een slotblok dat expliciet benoemt wat je na dit gesprek weet en wat niet. Een verkort voorbeeld, het fotografenvoorbeeld uit FIG.01. En tot slot twee hoofdstukken die de grenzen bewaken: acht dingen die de skill nooit doet, en zes eerlijke grenzen van het framework zelf.
Wil je zelf zo'n bestand schrijven of dit exemplaar aanpassen aan je eigen vak, dan is dat de bedoeling: het staat onder MIT-licentie. In een SKILL.md schrijven staat hoe je zo'n bestand opbouwt, van frontmatter tot weigeringenblok.