De Bloom Taxonomie Coach skill voor Claude
Je geeft je onderwerp, je doelgroep en het gewenste format, en je krijgt de stof terug verdeeld over de zes denkniveaus van de herziene taxonomie van Bloom. Per niveau een leerdoel in de vaste notatie na afloop kan de leerling [werkwoord] [object], met een werkwoord dat je kunt zien gebeuren, en een toetsvraag met antwoordsleutel of beoordelingscriteria erbij. Wat de skill niet zeker weet over jouw vakinhoud vult hij niet in, maar zet hij in een controlenotitie voor de docent.
de regels hierboven komen uit de zip op deze pagina · SKILL.md is 9.105 bytes
Eén onderwerp, zes niveaus terug
reg. B.001Dit is het uitgewerkte voorbeeld dat in de SKILL.md zelf staat, hier verkort weergegeven. De input is bewust mager: drie regels, meer heeft de skill niet nodig om te beginnen. Let op de laatste regel van de uitvoer. Daar staat geen resultaat maar een controlenotitie, want over vaktermen die per lesmethode verschillen doet de skill geen uitspraak.
Wat de Bloom Taxonomie Coach is
De Bloom Taxonomie Coach is een gratis skill uit onze skill-bibliotheek. Een skill is een instructiebestand, SKILL.md, dat een AI-assistent een vaste werkwijze meegeeft voor één taak. Geen software die je installeert, geen abonnement, geen koppeling met je leerlingadministratie: één tekstbestand van 1.284 woorden dat Claude vertelt hoe de zes denkniveaus van Bloom werken, welke werkwoorden bij welk niveau horen, wat hij van jou moet uitvragen voordat hij begint, hoe de uitvoer eruitziet en wat hij onder geen beding zelf mag verzinnen. Je downloadt de zip bovenaan deze pagina, zet hem in je AI-omgeving, en vanaf dat moment schrijft Claude leerdoelen volgens deze logica.
Het probleem dat de skill oplost staat in het bestand zelf benoemd, en het is herkenbaar voor iedereen die weleens een toets heeft gemaakt. Veel toetsen meten alleen de onderste twee niveaus: onthouden en begrijpen. En veel leerdoelen beginnen met snappen of weten, woorden die je niet kunt observeren. Je kunt niet zien of iemand iets snapt. Je kunt wel zien of iemand het uitlegt, toepast, vergelijkt, beoordeelt of ontwerpt. Met Bloom krijgt elk leerdoel een werkwoord dat je wel kunt zien en beoordelen, en dek je ook analyse, oordeel en creatie af.
Geschreven is hij voor docenten, trainers, cursusmakers, opleiders en ouders die huiswerk begeleiden, van basisschool tot bedrijfstraining. Voorkennis van Bloom is niet nodig: de niveaus en de werkwoorden zitten in het bestand. Hij is onderdeel van de skill-bibliotheek die we vanuit de dienst AI en automatisatie gratis beschikbaar stellen, zonder account en zonder verkoopmail achteraf. Ben je nieuw met skills, dan legt wat zijn Claude skills eerst uit wat je precies downloadt.
Eén ding moet je vooraf weten: de skill ordent, hij weet niets van jouw vak. Hij kent de taxonomie, niet je lesmethode. Wat hij oplevert is een startpunt dat de vakdocent controleert, en dat staat ook zo in het bestand. Twijfelt hij over een term, dan schrijft hij dat op in plaats van te gokken.
Waarom toetsen blijven hangen op feitjes
Wie een toets maakt onder tijdsdruk, maakt vragen die snel te schrijven en snel na te kijken zijn. Dat zijn bijna altijd vragen over onthouden. Noem de vier fasen. Welk jaartal hoort bij deze gebeurtenis. Wat betekent deze term. Die vragen zijn niet fout, ze zijn alleen niet genoeg, en samen vormen ze een toets die meet of iemand heeft gestampt.
Het begint bij het werkwoord. Een leerdoel dat begint met de leerling begrijpt of de leerling weet, geeft je niets om naar te kijken. Je kunt begrip niet observeren, alleen gedrag dat op begrip wijst. Dat is de reden dat Anderson en Krathwohl in 2001 van de niveaus werkwoorden maakten. Vanaf dat moment stond er in elk niveau iets wat een leerling doet, en werd het leerdoel automatisch toetsbaar.
De bovenste helft kost het meeste tijd. Een goede analysevraag of evaluatieopdracht verzinnen duurt langer dan tien feitvragen opschrijven. Precies daar loopt het vast. Dat werk neemt hij over: hij levert per niveau een leerdoel en minimaal één toetsvraag die dat leerdoel daadwerkelijk meet, inclusief antwoordsleutel of beoordelingscriteria bij open vragen.
Differentiatie sneuvelt als eerste. Een makkelijke en een pittige variant per niveau, een rubric erbij, een quiz voor de hele groep: het staat op ieders wensenlijst en het komt er zelden van. In de skill is dat geen apart traject maar een optie in dezelfde run. Je vraagt erom en het rolt mee.
En de taal moet meeschalen. Dezelfde stof voor groep 5 en voor een bedrijfstraining vraagt om andere zinnen, andere voorbeelden en andere vraagvormen. Taal en complexiteit schalen dus mee met de doelgroep die je opgeeft. Dat is ook meteen de reden dat de doelgroep in de verplichte inputchecklist staat: zonder die informatie kan hij niet kiezen.
In diff-vorm, met het verschil dat de skill maakt aan een leerdoel over de watercyclus. Links wat er meestal staat, rechts wat je kunt observeren.
Van onthouden tot creëren
reg. B.002De zes niveaus zoals ze in de SKILL.md staan, van laag naar hoog, met de werkwoorden die het bestand per niveau noemt. De mono-regels eronder vertellen waar het niveau in de praktijk op stukloopt. Let op de bovenste rij: sinds de herziening van 2001 staat creëren bovenaan, waar in het oorspronkelijke model van 1956 evalueren stond.
# De banden tonen dat de niveaus elkaar raken, niet hoe groot ze zijn: het is een leesbeeld van de overlap en geen meting.
# Waar twee banden over elkaar liggen, is in de praktijk niet met zekerheid te zeggen welk niveau je meet. Daar helpt het werkwoord, niet het nummer.
Wat er werkelijk in de SKILL.md staat
Een skill is zo goed als zijn instructies, dus die beschrijven we hier gewoon. Het bestand opent met frontmatter waarin staat wanneer Claude de skill moet oppakken. Niet alleen bij de voor de hand liggende vragen als leerdoelen maken, toetsvragen maken, quiz maken over, rubric maken of toetsmatrijs, maar ook bij verzuchtingen: mijn toets meet alleen feitjes, ze stampen alles en snappen niks, mijn leerdoelen beginnen allemaal met begrijpen en weten, mijn sterke leerlingen vervelen zich, ik ben uren kwijt aan het verzinnen van vragen. Wie zoiets tegen Claude zegt terwijl de skill geladen is, krijgt hem automatisch.
Daarna volgt de theorie waarop de skill rust, in het bestand zelf uitgeschreven: Bloom publiceerde in 1956 met een commissie van examinatoren de Taxonomy of Educational Objectives, en Anderson en Krathwohl herzagen het model in 2001. Twee wijzigingen zijn voor de skill essentieel. De niveaus werden werkwoorden in plaats van zelfstandige naamwoorden, zodat je ze kunt observeren en toetsen. En de bovenste twee wisselden van plek, waardoor creëren bovenaan kwam te staan.
De kern van het bestand is een lijst van acht vaste handelingen. Hij vraagt onderwerp, doelgroep en gewenst format uit. Hij verdeelt de stof over alle zes niveaus en benoemt per niveau wat de leerling daar met deze stof doet. Hij schrijft per niveau een leerdoel in de vaste notatie, met een werkwoord uit het repertoire van dat niveau, waarbij hij per niveau uit ruim dertig werkwoorden put. Hij schrijft per niveau minimaal één toetsvraag die het leerdoel daadwerkelijk meet, inclusief antwoordsleutel of beoordelingscriteria bij open vragen.
Hij checkt elke vraag op vier punten en herschrijft hem als er eentje niet klopt. Hij levert op verzoek differentiatie in dezelfde run. Hij schaalt taal en complexiteit mee met de doelgroep, van groep 5 tot professionals in een bedrijfstraining. En hij markeert vakinhoud waarover twijfel bestaat met een controlenotitie voor de docent, in plaats van te gokken.
Voordat er iets geschreven wordt, loopt de skill een verplichte inputchecklist na: het onderwerp en indien beschikbaar de bronstof, de doelgroep met leeftijd of onderwijsniveau en relevante voorkennis, het gewenste format, welke niveaus prioriteit hebben als niet alle zes nodig zijn, en de praktische kaders zoals aantal vragen, beschikbare toetstijd en open of gesloten vragen. Hij vraagt alleen na wat ontbreekt, dus je krijgt geen formulier maar hooguit twee of drie gerichte vragen.
De uitvoer staat in een vaste volgorde van vijf onderdelen: een overzicht van onderwerp, doelgroep en format plus de aannames die je moet checken, de zes leerdoelen per niveau, de toetsvragen per niveau met het verwachte antwoord of de beoordelingscriteria en een tijdsindicatie, de differentiatie als je daarom vroeg, en tot slot de controlenotitie voor de docent. Die laatste is het meest ondergewaardeerde blok: daar staat welke vakinhoud gecontroleerd moet worden, welke vragen het zwaarst leunen op voorkennis, en waar de set dun is. Wil je zelf zulke bestanden leren schrijven, dan legt SKILL.md schrijven de opbouw uit.
Vier controles voor je hem ziet
reg. B.003Stap 5 van de acht handelingen is de reden dat de vragen bruikbaar zijn en niet alleen netjes. Elke vraag gaat langs vier controlepunten voordat hij op je scherm komt. Zakt een vraag op een van die punten, dan herschrijft de skill hem eerst. Je ziet dus niet de eerste versie, je ziet de versie die er doorheen kwam.
De theorie waarop de skill rust
De SKILL.md noemt vijf bronnen bij naam, en dat is bewust: dan kun je ze nalezen en zelf beslissen of je het met de keuzes eens bent. Ze verklaren samen waarom de skill doet wat hij doet.
De ordening komt van Bloom en zijn commissie. In 1956 verscheen de Taxonomy of Educational Objectives, Handbook I over het cognitieve domein, geschreven door een commissie van examinatoren onder redactie van Benjamin Bloom. Het doel was praktisch: examinatoren wilden een gedeelde taal om te beschrijven wat een toetsvraag eigenlijk vraagt. Die zes categorieën zijn nog steeds de ruggengraat van de skill.
De herziening komt van Anderson en Krathwohl. In 2001 verscheen A Taxonomy for Learning, Teaching, and Assessing, met de twee wijzigingen die deze skill bruikbaar maken: werkwoorden in plaats van zelfstandige naamwoorden, en creëren bovenaan. Krathwohl schreef in 2002 in Theory Into Practice nog een overzichtsartikel over die herziening, ook dat staat in de bronnenlijst. Standaard gebruikt hij de herziene versie, met als vaste regel dat de oude en de nieuwe nooit door elkaar worden gehaald zonder dat erbij te melden.
De notatie komt van Mager. Preparing Instructional Objectives uit 1962 gaat precies over het punt waar de meeste leerdoelen sneuvelen: een doel moet beschrijven wat de lerende straks kan doen, niet wat hij weet. Dat is de bron van de vaste notatie na afloop kan de leerling [werkwoord] [object]. Wie doelen breder wil leren formuleren, komt daarna vanzelf uit bij de SMART Doelen Coach skill.
De samenhang komt van Biggs en Tang. Teaching for Quality Learning at University uit 2011 beschrijft constructive alignment: leerdoel, leeractiviteit en toets moeten op elkaar aansluiten. Een leerdoel op niveau analyseren met een toets vol feitvragen is niet alleen slordig, het stuurt je leerlingen naar het verkeerde soort leren. Daarom houdt hij die drie bij elkaar: per niveau een doel, en meteen de vraag die dat doel meet.
Ook zonder de skill te installeren kun je met deze principes je eigen toets verbeteren: begin elk leerdoel met een werkwoord dat je kunt zien gebeuren, kijk of je vraag echt vraagt wat het etiket belooft, en zet je antwoordsleutel erbij voordat je de vraag goed vindt.
Wat de skill weigert
reg. B.004De SKILL.md bevat een lijst van zeven dingen die de skill nooit doet, en bij lesmateriaal is die lijst minstens zo belangrijk als de rest. Er zitten kinderen aan de andere kant van een toets. In het gesprek pakken die regels zo uit: elke regel is een verzoek dat je zou kunnen doen, met de reactie die de skill volgens zijn eigen instructies geeft.
Installeren in Claude Code, Claude.ai of Codex
De zip bevat één map, ai-bloom-taxonomie-coach, met daarin de SKILL.md. Installeren is een kwestie van dat bestand op de juiste plek zetten, en die plek verschilt per omgeving. SKILL.md is sinds december 2025 een open standaard, en dezelfde skill werkt daardoor ook in Codex, Cursor en Gemini CLI. Je downloadt dus geen Claude-bestand maar een werkinstructie die elke moderne AI-assistent kan lezen.
- Pak de zip uit in
~/.claude/skills/(of.claude/skills/in je project). - Claude herkent de skill daarna vanzelf zodra je over leerdoelen, toetsvragen of Bloom begint.
- Direct aanroepen kan ook, met
/ai-bloom-taxonomie-coach.
- Ga naar Customize en dan Skills.
- Upload de zip daar als skill.
- Of plak de inhoud van SKILL.md in de projectinstructies van een Project.
- Open
AGENTS.mdin je repo. - Plak de inhoud van SKILL.md erin, of zet SKILL.md er als los bestand naast en verwijs ernaar vanuit
AGENTS.md. - Codex leest dat bij elke sessie mee.
Daarna is het gebruik simpel: noem je onderwerp, je doelgroep en wat je wilt hebben. Loop je vast op het uitpakken of het vinden van de juiste map, dan staat dat stap voor stap in Claude skills installeren. En wil je eerst de bredere uitleg over werken met AI, dan vind je die in de kennisbank.
Wanneer je hem wel en niet gebruikt
Op zijn sterkst is hij als je een blok stof hebt en er iets toetsbaars van moet maken: een hoofdstuk, een lesbrief, een trainingsonderdeel, een presentatie. Hoe meer bronstof je meegeeft, hoe specifieker de vragen worden. Hij is ook sterk als je vastloopt op de bovenste helft van de taxonomie, want daar zit de tijdwinst. Feitvragen schrijf je zelf ook wel. Een goede evaluatieopdracht met beoordelingscriteria kost je een half uur, en dat is precies het stuk dat hij overneemt.
Er zijn ook situaties waarin je hem beter laat liggen. Officiële eindtermen en examenprogramma's zijn er daar een van: die liggen wettelijk vast, en de skill weigert ze te herschrijven of te vervangen. Beoordeling van individuele leerlingen is een tweede: de skill schrijft vragen en criteria, maar velt geen oordeel over een kind en bedenkt geen cijfers of normeringen. En de derde grens is de vakinhoud zelf. Hij kent de taxonomie, niet jouw methode. Wat er precies in het hoofdstuk staat en hoe jullie de termen noemen, weet jij en weet hij niet.
Nog een eerlijke grens die het bestand zelf benoemt: de skill kan niet garanderen dat een vraag het geclaimde niveau meet bij elke leerling. Een toepassingsvraag wordt een onthoudvraag zodra de leerling het voorbeeld al kent. Dat maakt de vraag niet onbruikbaar, het betekent dat de docent weet wat hij voor zich heeft. Wie dat soort denkwerk over eigen begrip verder wil trainen, kan terecht bij de Feynman Techniek Coach skill, die stof net zolang laat vereenvoudigen tot de gaten zichtbaar worden.
Zelf draaien of laten draaien
reg. B.005Deze skill is de gratis doe-het-zelf-versie van werk dat we ook als dienst leveren. Hij blijft compleet en zonder addertjes, maar besef wat een skill is: hij leert je AI hoe hij iets doet, terwijl elke nieuwe sessie leeg begint. Hij is niet de motor en niet het geheugen. Jij prompt, jij levert elke keer opnieuw de context, jij controleert. Wie dat anders wil, heeft twee vervolgstappen: de motor uit handen geven, of het geheugen regelen.
waar je nu bent De skill: jij bent de motor Je draait de Bloom Taxonomie Coach zelf in Claude, Codex of Cursor. Kost niets, werkt vandaag, en je houdt het volledig in eigen hand: geen proefperiode, geen afgeschermde onderdelen. De grens is je eigen tijd: het gebeurt alleen wanneer jij prompt, en je legt je vakgebied elke sessie opnieuw uit.
laten voorbereiden De AI-medewerker: het staat klaar zonder dat jij prompt Precies dit werk, maar dan als dienst: een AI-medewerker bereidt terugkerend materiaal voor zonder dat jij ervoor achter Claude hoeft te kruipen. De controle blijft bij jou, want output blijft concept tot een mens akkoord geeft. Dit leveren we via Mansotti, de onderneming waarvan TheSEO de handelsnaam is, die de Offertemedewerker, de Salesmedewerker (prospect-research) en de Rapportagemedewerker (week- en maandrapportages) bouwt. Lees wat een AI-medewerker is en doet.
alles uit een bron Jarvis: al je AI's werken vanuit dezelfde kennis De skill leert de AI, het brein is waar het geheugen leeft. Wil je dat al je AI's vanuit dezelfde kennis werken: dat is Jarvis, het organisatiebrein. Het verbindt ChatGPT, Claude, Codex en je mensen met dezelfde projecten, kernkennis en beslissingen, zodat je volgende sessie niet opnieuw begint. Jarvis selecteert context, delegeert werk en bewaart alleen wat is goedgekeurd: kennis per klant of per opleiding blijft geïsoleerd en elke stap laat een controleerbaar spoor na. Ook deze skill wordt daar beter van, want je methode, je termen en je toetsafspraken hoef je dan niet meer per sessie aan te leveren. Wat dat concreet oplevert, van de plannen tot je eerste week, lees je bij Jarvis zelf.
Wat Jarvis concreet oplevert
reg. B.006Trede 3 verdient meer dan een alinea, want dit is het verschil tussen een slimme chat en een systeem waar je op kunt bouwen. Jarvis is het organisatiebrein: het onthoudt wat je AI's moeten weten, verdeelt het werk en houdt bij wat er gebeurde. Voor lesmateriaal is dat verschil scherp voelbaar, want jouw methode, je termen en je toetsafspraken zijn precies de dingen die je nu elke sessie opnieuw uitlegt.
Wij draaien zelf al maanden op dit systeem. Elke agent-sessie, elke taak en elke beslissing wordt erin gelogd en is terug te lezen. Een nieuwe sessie begint daardoor niet blanco: hij haalt eerst de vastgelegde besluiten, de lopende projecten en de laatste wijzigingen op, en werkt verder waar de vorige stopte. Wie de doelgroep is en welke termen we gebruiken hoeft er dus niet elke keer opnieuw in. We beschrijven hier geen belofte maar de werkwijze waar we zelf dagelijks in werken.
Bekijk de vier plannen op jarvis/prijzen. Via de wachtlijst geef je alleen vrijblijvend je voorkeursplan door. Dat maakt nog geen account, bestelling of betalingsplicht. Zakelijk maatwerk bespreken we eerst.
De skills eromheen
reg. B.007Leerdoelen zijn één schakel. Er gaat uitleg aan vooraf, er komt oefening achteraan en uiteindelijk wil iemand weten of het geholpen heeft. Deze skills uit dezelfde bibliotheek pakken elk een ander stuk van die keten.
Voor de uitleg
de stof erinVoordat je toetst, moet de stof overkomen. Deze twee gaan over de uitleg zelf.
Feynman Techniek CoachLaat je stof net zolang vereenvoudigen tot de gaten in je eigen begrip zichtbaar worden.SKILL Socratische Methode CoachUitleggen door te vragen in plaats van te vertellen, precies wat niveau 2 en 4 nodig hebben.SKILLNa de toets
heeft het geholpenLeerdoelen zeggen wat je wilde bereiken. Deze twee gaan over of het ook gelukt is.
Kirkpatrick EvaluatiecoachMeet of een training niet alleen leuk was maar ook gedrag en resultaat veranderde.SKILL Growth Mindset CoachVoor de leerling die vastloopt op een cijfer in plaats van op de stof.SKILLOefenen en onthouden
de herhalingEen goede vraag is nutteloos zonder oefening. Deze twee gaan over het traject erna.
Deliberate Practice CoachZet doelgerichte oefening op met feedback, voor de vaardigheid achter het leerdoel.SKILL Made to Stick CoachMaakt uitleg zo eenvoudig en concreet dat hij blijft hangen tot de toets.SKILLVerder kijken
de contextWaar deze skill vandaan komt en wat er nog meer is.
De hele skill-bibliotheek100 gratis skills op een rij, per onderwerp gesorteerd.HUB AI en automatisatieDe dienst erachter: van losse skills naar werkende automatisering.SRV AI-trainingenAls je team dit soort werk zelf wil leren opzetten.SRV KennisbankArtikelen over SEO, AI en online zichtbaarheid, doorzoekbaar.DOCVeelgestelde vragen
Wat kost de Bloom Taxonomie Coach skill?
Niets. De skill is gratis, valt onder de MIT-licentie en je hoeft geen account aan te maken en geen e-mailadres achter te laten. Je downloadt een zip van 3,9 KB met daarin een map en een enkel bestand, SKILL.md, en dat is de complete skill. Er is geen betaalde versie en er komt geen verkoopmail achteraan.
Werkt deze skill ook in Codex, Cursor of Gemini CLI?
Ja. SKILL.md is sinds december 2025 een open standaard, en hetzelfde bestand werkt daardoor ook in Codex, Cursor, Gemini CLI en andere tools die de standaard volgen. In Codex pak je de zip uit in .agents/skills/ in je project, of in ~/.agents/skills/ voor al je projecten; Codex ondersteunt SKILL.md sinds de open standaard van december 2025 rechtstreeks. De inhoud van SKILL.md in je AGENTS.md zetten kan ook nog steeds. De instructies zijn gewoon leesbare tekst, dus een assistent die instructiebestanden accepteert kan ermee overweg.
Gebruikt de skill de oude of de herziene taxonomie van Bloom?
Standaard de herziene versie van Anderson en Krathwohl uit 2001. Daarin zijn de niveaus werkwoorden in plaats van zelfstandige naamwoorden, en wisselden de bovenste twee van plek: creëren staat sindsdien bovenaan. De skill heeft als vaste regel dat hij de herziene en de oude taxonomie nooit door elkaar gebruikt zonder dat te melden.
Verzint de skill vakinhoud die ik niet heb aangeleverd?
Nee. Vakinhoudelijke feiten verzinnen of gokken staat in het bestand bij de dingen die de skill nooit doet. Twijfelt hij over een term of een feit, dan zet hij dat in de controlenotitie voor de docent in plaats van te gokken. In het voorbeeld over de watercyclus staat bijvoorbeeld de notitie dat sommige methodes terugstroming of infiltratie gebruiken in plaats van afstroming.
Kan ik de skill gebruiken om leerlingen te beoordelen?
Nee, en dat is een expliciete grens in het bestand. De skill schrijft leerdoelen, vragen en beoordelingscriteria, maar velt geen oordeel over een kind. Cijfers of normeringen bedenken voor echte leerlingen doet hij niet, en individuele leerlingen beoordelen of diagnosticeren evenmin.
Voor welke doelgroepen werkt de skill?
Voor docenten, trainers, cursusmakers, opleiders en ouders die huiswerk begeleiden, van basisschool tot bedrijfstraining. De skill schaalt taal en complexiteit mee met de doelgroep die je opgeeft, van groep 5 tot professionals in een bedrijfstraining. Je vertelt wie je voor je hebt, en de vragen komen in de taal van die groep terug.
Wat heeft de skill van mij nodig om te kunnen werken?
Het onderwerp en indien beschikbaar de bronstof, de doelgroep met leeftijd of niveau en relevante voorkennis, het gewenste format, welke niveaus prioriteit hebben als niet alle zes nodig zijn, en de praktische kaders: aantal vragen, beschikbare toetstijd en open of gesloten vragen. De skill vraagt alleen na wat ontbreekt.
Eerst de doelen, dan de rest
Een set leerdoelen met bijpassende vragen is een klein document met veel gevolgen: het bepaalt waar je les naartoe werkt en waar je leerlingen op gaan studeren. Begin dus daar, en pak de rest daarna. Wil je dat je team dit soort werk zelf leert opzetten met AI, dan is dat precies wat we doen in de AI-trainingen. En wil je doorpraten over wat AI verder in je organisatie kan overnemen, van losse skills tot volledige automatisering, dan doen we dat gewoon in een gesprek.