Jouw opdracht
Gebruik fictieve cijfers: A bereikt 200 mensen, impact 1, vertrouwen 80%, inspanning 2. B bereikt 100 mensen, impact 2, vertrouwen 50%, inspanning 1. De periode is gelijk.
Mogelijke uitwerking
Fictief voorbeeld: twee verbeteringen
A scoort 80 en B 100. B staat rekenkundig hoger, maar heeft zwakker onderbouwde aannames. Controleer die onderbouwing en afhankelijkheden voordat je B als eerste inplant.
